Waarom tango voor gitaristen een andere taal is

Over klassieke gitaar, ensemble spelen en de weg naar de tango.

In meer dan dertig jaar werken met tango-ensembles in Nederland en België is me iets blijven opvallen. Goede tangogitaristen zijn moeilijk te vinden. Niet omdat ze er niet zijn. Nederland en België kennen veel uitstekende gitaristen. Maar de meesten vinden de weg naar de tango eenvoudigweg niet.

Dat heeft verschillende oorzaken. Veel daarvan hebben te maken met hoe gitaristen worden opgeleid.

De klassieke gitaartraditie

De meeste akoestische gitaristen in Nederland en België komen uit de klassieke traditie. Daar staat een prachtig repertoire centraal met muziek van onder anderen Heitor Villa-Lobos, Agustín Barrios en Alberto Ginastera. Het zijn stukken waarin de gitaar volledig tot zijn recht komt als solistisch instrument.

Die traditie heeft een enorme rijkdom, maar vormt gitaristen ook op een bepaalde manier. De focus ligt op interpretatie van repertoire, technische verfijning en het ontwikkelen van een persoonlijke solistische stem.

Tango werkt anders.

Tango is ensemblemuziek

In de tango is de gitaar zelden een solistisch instrument. De gitaar maakt deel uit van een ensemble waarin ritme, frasering en samenspel centraal staan. De rol van de gitaar is vaak subtiel maar essentieel. Ze draagt het ritme, kleurt de harmonie en ondersteunt de melodie.

Dat vraagt om een andere manier van luisteren en spelen. Niet de vraag hoe je een stuk zo mooi mogelijk speelt, maar hoe je partij klinkt binnen het geheel.

Voor veel gitaristen is dat een nieuwe ervaring.

Een andere ritmische taal

Er is ook een verschil in ritme. In de klassieke opleiding wordt ritme vaak metrisch benaderd. Het moet precies, mathematisch en nauwkeurig genoteerd zijn.

In de tango ontstaat het ritme uit beweging en frasering. Begrippen als marcato, arrastre en síncopa geven de muziek een elasticiteit die je niet volledig uit een partituur kunt leren. Die stijl ontwikkelt zich vooral door samen te spelen en te luisteren.

Het is een taal die je leert in de praktijk.

De gitaristen die toch de tango vinden

De gitaristen die uiteindelijk bij de tango terechtkomen zijn vaak musici met een sterke nieuwsgierigheid. Het zijn spelers die luisteren naar opnames en willen begrijpen hoe een stijl werkt. Soms komen ze uit jazz, soms uit wereldmuziek, en soms zijn het klassieke gitaristen die tegen de stroom in hun eigen pad volgen.

Wat ze gemeen hebben is dat ze geraakt worden door de muziek zelf.

Samenspelen als sleutel

Daarom geloof ik dat de beste manier om tango te leren niet begint bij repertoire, maar bij samenspel. In een ensemble hoor je hoe de muziek ademt. Je voelt hoe het ritme beweegt en hoe de verschillende stemmen elkaar dragen.

Voor gitaristen kan dat een openbaring zijn.

De tango blijkt dan geen exotisch repertoire te zijn, maar een levendige muzikale taal waarin de gitaar een heel eigen plek heeft.

Misschien is dat ook de reden waarom gitaristen die de tango eenmaal ontdekken er vaak lang bij blijven. Zodra je de muziek van binnenuit hebt leren kennen, laat ze je niet meer los.

Voor gitaristen die dat samenspel willen ervaren organiseer ik ook tango-ensembles en orkestsessies.